Mensen zeggen weleens: ‘Ik ben een boon als…’ Die mensen weten niet wat ze zeggen. Ik wel, want ik ben zelf een boon. Een koffieboon, om precies te zijn, en ik zou willen dat ik een mens was. Hoewel, dan had ik dit nooit meegemaakt… Maar laat ik bij het begin beginnen.
Zoals al het leven op aarde, ben ik begonnen als een heel klein boontje. Ik groeide op in een machtig mooi woud ergens in Colombia. Vooral als het net geregend had, waren de met bomen gevulde heuvels in een mist gehuld die ze een bovenaardse schoonheid verleende. Maar u zult zich afvragen hoe ik dit weet, ik ben immers slechts een boon.